Logo

Dossier vergeten of genegeerd conflict?: De obstakels van oorlogsjournalistiek in Sudan

ANP – Een aantal Soedanese burgervluchtelingen en mensenrechtenactivisten houdt borden omhoog met de tekst ‘KeepEyesOnSudan’

ANP

27 mei 2026

Honderdduizenden Sudanezen zijn sinds het uitbreken van de oorlog beroofd van hun bezittingen, voorzieningen, voedsel, familie en geliefden. Nadat de media- infrastructuren zijn verwoest, dreigen de Sudanezen (en de rest van de wereld) langzamerhand óók beroofd te worden van betrouwbare informatie en verslaggeving over het conflict. Free Press Unlimited wijst op een alarmerende situatie waarin desinformatie en propaganda de boventoon voeren. Voor internationale nieuwsmedia, inclusief verschillende redacties van de Nederlandse Publieke Omroepen, is het verkrijgen van nieuws uit Sudan geen makkelijke klus. Welke weg legt nieuws af van gebeurtenis tot en met berichtgeving? Wie zijn hierin onmisbaar? En welke obstakels bestaan er op deze weg? In dit artikel geven we een inkijkje in de uitdagingen van oorlogsjournalistiek en de toegang tot informatie in Sudan. 

Gebrek aan context

Voordat we dieper ingaan op hoe Nederlandse omroepen met deze situatie omgaan, is het belangrijk om eerst in kaart te brengen met welke omstandigheden journalisten in en rond Sudan te maken hebben. Een eerste uitdaging ligt in de manier waarop internationale verslaggeving over Afrika is georganiseerd. In een recent verschenen artikel van de NRC, werpt oprichtster van het blad The Continent, Lydia Namubiru, licht op een aantal van de vele obstakels waar Afrika-verslaggeving mee te maken heeft: er is steeds minder geld beschikbaar voor internationale journalistiek, het aantal correspondenten neemt af en meerdere internationale redacties stellen nog maar één redacteur aan voor het hele continent. Volgens Namubiru kan zonder structurele aandacht belangrijke context verloren gaan.

Namubiru richtte haar blad op om juist dat gat te vullen. Zij wil lezers voorzien van belangrijke context over Afrikaanse conflicten. Volgens haar is journalistiek namelijk “in de kern documentatie, vastleggen wat er gebeurt, en daarin is context alles.” Daarom werkt The Continent uitsluitend samen met lokale verslaggevers; journalisten die deel uitmaken van de context waarover zij berichten. In plaats van ingevlogen correspondenten, wordt er verslag gedaan door journalisten die er zowel cultureel als geografisch het dichtst bij staan. Doordat internationale redacties vaak beperkte capaciteit hebben om overal aanwezig te zijn, wordt de rol van de lokale journalisten steeds belangrijker.

Fixers

Deze lokale verslaggevers worden in journalistieke termen vaak fixers genoemd. Volgens Lennart Hofman, journalist over verborgen oorlogen bij De Correspondent, zijn dit soort verslaggevers essentieel om conflicten die zich onder de radar afspelen zichtbaar te maken. Een nieuwsbericht vanuit een conflictzone is namelijk zelden een “one-man job”. Passend in het thema van dit dossier, lijken fixers voor velen echter “verborgen” te zijn, terwijl ze een cruciale rol spelen binnen de oorlogsjournalistiek. 

Fixers worden vaak omschreven als de lokale assistent van een correspondent, verantwoordelijk voor logistieke planning, vertalen en monteren. Hoewel deze taken inderdaad onderdeel van hun werk zijn, doet deze omschrijving geen recht aan hun volledige rol. Het label “fixer” doet hun taken zelfs deels tekort. In de praktijk hebben zij namelijk vaak een groot aandeel in de totstandkoming van nieuws, omdat zij sneller en effectiever toegang hebben tot informatie en lokale netwerken dan buitenlandse correspondenten. 

Mediawetenschappers Johana Kotisova en Mark Deuze van de Universiteit van Amsterdam beschrijven hoe fixers als het ware “hun ogen en oren uitlenen” aan buitenlandse journalisten. Daardoor hebben zij ook indirect invloed op de manier waarop een conflict uiteindelijk wordt verteld. Inmiddels lijken steeds meer journalisten en academici daarom de voorkeur te geven aan de term “fixer-journalist.” De ogen en oren van de fixers zijn van groot belang, omdat buitenlandse journalisten vaak niet beschikken over kennis van lokale talen, culturele omgangsvormen of machtsverhoudingen. Zonder hulp lopen zij het risico belangrijke nuances te missen.

Tegelijkertijd gaan met dit werk grote risico’s gepaard. Fixers nemen regelmatig de meest risicovolle taken op zich, bijvoorbeeld door naar frontlinies af te reizen wanneer internationale correspondenten om veiligheidsredenen afwezig zijn. Cijfers van UNESCO laten zien hoe gevaarlijk het werk van de fixers kan zijn. In de afgelopen twintig jaar zijn wereldwijd 1632 journalisten vermoord. Daarvan waren er 1528 lokale verslaggevers: dat is ongeveer 94%. Daarnaast lopen fixers in sommige landen het risico gestraft te worden voor hun samenwerking met buitenlandse media. Vooral in conflictgebieden waar de staat de nieuwsmedia controleert, is persvrijheid niet vanzelfsprekend. In landen waar die vrijheid onder druk staat, zoals Sudan, wordt het werk van deze lokale verslaggevers daarom nog gevaarlijker. 

De precaire persvrijheid van Sudan

Persvrijheid is al jaren niet vanzelfsprekend in Sudan. Na het vallen van de dictatuur van Omar al-Bashir in 2019, kende het land een korte journalistieke opleving. Die periode bleek echter van korte duur. De militaire staatsgreep van oktober 2021 maakte een einde aan veel van de herwonnen vrijheden. Volgens het onafhankelijke onderzoeksplatform Afrobarometer is de persvrijheid sindsdien sterk achteruitgegaan: journalisten die kritiek uitten op het regime werden opgepakt, mediabedrijven kregen opnieuw te maken met invallen en verschillende media vergunningen werden ingetrokken. 

Sinds het uitbreken van de oorlog op 15 april 2023 tussen de Sudanese Armed Forces (SAF) en de paramilitaire Rapid Support Forces (RSF) verslechterde de situatie voor journalisten verder. Mediabedrijven en verslaggevers werden steeds vaker direct doelwit van geweld. Ook de onafhankelijke journalistenbond van Sudan, die in 2022 nog was heropgericht en voor veel journalisten een belangrijke mijlpaal was, werd verworpen. In de World Press Freedom Index van 2025, van Reporters Without Borders, staat Sudan op plaats 156 van de 180 landen.

Sudanese nieuwsredactie die is verwoest. Bron Reuters..png

Een van de Sudanese nieuwsredacties die sinds het uitbreken van de oorlog is verwoest. Bron: Reuters. Screenshot video. Klik op foto om naar de video te gaan.   

Obstakels Sudan

In de podcast How to report on Sudan van Lighthouse Reports, beschrijven journalisten Aziz Alnour en Sabrina Slipchenko de obstakels waar specifiek journalisten in Sudan mee te maken hebben. 

Allereerst noemt Alnour het gebrek aan toegang tot informatie. Volgens Alnour bestaat er in Sudan nauwelijks een juridisch kader waarbinnen journalisten vrij kunnen werken. Verschillende wetten beperken de media al jaren. Zo geeft de Press and Publications Act uit 2009 de overheid de controle over publicaties en maakt de National Security Act uit 2010 het strafbaar om stukken te publiceren die volgens de staat “valse informatie” bevatten, of het imago van de staat zou schaden. Tijdens de oorlog zijn deze beperkingen verder aangescherpt. Nieuwe wetswijzigingen geven de General Intelligence Service veel bevoegdheden om journalisten te surveilleren, apparatuur in beslag te nemen en huiszoekingen te doen.

Door deze beperkingen zijn journalisten genoodzaakt om een beroep te doen op zogeheten open source materials, oftewel: informatie en beelden afkomstig uit openbare bronnen. Het beoordelen of dit soort bronnen betrouwbaar zijn vergt echter veel kennis en specifieke digitale vaardigheden. Zo moet bijvoorbeeld worden vastgesteld waar een video is opgenomen en wanneer deze is gemaakt, iets wat zonder duidelijke aanwijzingen erg lastig kan zijn. Volgens Slipchenko is het analyseren van deze bronnen bovendien erg moeilijk omdat er regelmatig geen toegang is tot internet. Daardoor worden video’s soms pas uren of dagen later geüpload, wat het lastiger maakt om te bepalen wanneer beelden daadwerkelijk zijn opgenomen.

Naast deze technische obstakels speelt ook veiligheid een grote rol. In de World Press Freedom Index scoort Sudan vooral laag op de veiligheid van journalisten: het land staat op plaats 172 van de 180. Volgens het Sudan Media Forum, zijn er sinds het begin van de oorlog al eenendertig journalisten vermoord, waarvan acht tijdens hun werk. Voor veel lokale verslaggevers is het daardoor simpelweg te gevaarlijk geworden om internationale media te blijven informeren, terwijl juist deze journalisten in tijden van informatieschaarste van groot belang zijn. De Sudanees-Amerikaanse journalist Isma’il Kushkush beschreef bijvoorbeeld hoe hij interviews met internationale media moest afzeggen vanwege de vele aanvallen en het gebrek aan elektriciteit. Zijn telefoons had hij nodig voor dringende communicatie. 

Beperkte internationale aandacht

Het laatste en belangrijkste obstakel dat Slipchenko en Alnour benoemen, is het gebrek aan internationale aandacht voor het conflict in Sudan. Dit heeft volgens hen niet alleen invloed op de hoeveelheid berichtgeving, maar ook op de druk die Westerse beleidsmakers voelen om in te grijpen. Media-aandacht en politiek handelen worden daarmee direct met elkaar in verband gebracht. Slipchenko stelt dat er een opvatting heerst dat Sudan “te gecompliceerd” is, of dat het conflict mensen niet zou interesseren. Dit hoeft echter niet het geval te zijn, zoals blijkt uit het onderzoek van de LSE dat wij in het eerste artikel aanhaalden. 

In een radio-uitzending van Dit is de Dag, bespreken oud-diplomaat Ron Keller en ZOA-medewerker KlaasJan Baas waarom Sudan “ons weinig boeit.” Keller noemt verschillende redenen waarom andere conflicten, zoals die in Oekraïne en Gaza, momenteel meer aandacht krijgen. "Oekraïne is dichtbij. Na de Oranjerevolutie hebben we er een zwak voor gekregen; we herkennen ze als mede-Europeanen. Gaza voelen we ook emoties bij. Misschien wel vanuit schuldgevoel na de Tweede Wereldoorlog of uit de overtuiging dat Palestijnen ook rechten hebben." Daarnaast wijst Keller op de complexiteit van het conflict in Sudan, waardoor het voor veel mensen onduidelijk is wie “goed” of “slecht” is. 

Keller spreekt van een opvallende paradox. Enerzijds lijkt het conflict in Sudan ons "ogenschijnlijk" niet te raken. Anderzijds vertelt hij dat dit kan veranderen als de gevolgen merkbaar worden: “Als er straks honderdduizend Afrikanen in bootjes het geweld ontvluchten naar Europa (..) dan willen we die ook weer tegenhouden.” De mogelijke vluchtelingenstroom wordt ook aangehaald door de Rijksoverheid, die dit naast opkomend terrorisme en verstoring van handelsroutes noemt als een mogelijk gevolg van de oorlog in Sudan. Volgens de overheid is steun aan Sudan daarom niet alleen van belang voor de lokale bevolking, maar ook voor Europa zelf. 

Naast deze concrete gevolgen, benadrukken anderen juist de humanitaire verantwoordelijkheid als reden om in actie te komen. Tijdens de dialoogsessie “Wat de wereld met Soedan te maken heeft” bij De Balie in Amsterdam, stelde mensenrechtenjurist en Tweede Kamerlid (D66) Mpanzu Bamenga dat wij niet weg kunnen kijken wanneer er sprake is van misdrijven tegen de menselijkheid. Volgens hem heeft de internationale gemeenschap in dit geval wel degelijk een belang. Daarmee wordt het gebrek aan media-aandacht ook een moreel vraagstuk. 

 

Artikel 1: Onderzoek naar de ‘onzichtbare’ crisis in Sudan 

Artikel 3: Hoe verdeelt de NOS de aandacht in het achtuurjournaal?  

Artikel 4: All Eyes On... maar op wie eigenlijk? 

Dossier vergeten of genegeerd conflict: All Eyes On... maar op wie eigenlijk?
Dossier vergeten of genegeerd conflict?: Hoe verdeelt de NOS de aandacht in het achtuurjournaal?
Dossier vergeten of genegeerd conflict?: Onderzoek naar de ‘onzichtbare’ crisis in Sudan
Tweede Kamerverkiezingen 2025. Deel 6: wat er aan bod kwam
De schutter wiens gender de berichtgeving verdeelde
De vele gezichten van nieuwsmijding
Deel deze pagina
Omroepen
AVROTROS