Politici, asielcijfers en de journalistieke plicht van het doorvragen

Schermafbeelding van uitzending Goedemorgen Nederland van 26 april
Een politicus op de bank bij Goedemorgen Nederland zegt dat de meerderheid van de Nederlanders al jaren wil dat er iets tegen die asielinstroom gedaan wordt. Er komt jaarlijks een stad van 60.000 mensen bij, zegt ze. Had het presentatieduo moeten doorvragen hiernaar? Want werd de gast zo niet te makkelijk als ‘deskundige duider’ neergezet, zoals een kijker schreef?
In het kort:
- Bij Goedemorgen Nederland deed Mona Keijzer enkele beweringen over asielproblematiek in Nederland. Ze presenteerde ze als feiten. Eén van haar beweringen klopt, de andere niet.
- Zo kon onjuiste informatie als feit in het gesprek blijven hangen: de presentatoren hadden daarop dus moeten doorvragen.
- De hoofdredactie van WNL geeft aan dat dit inderdaad had gemoeten.
De klacht
In een uitzending van Goedemorgen Nederland is Mona Keijzer te gast, naar aanleiding van de behandeling van de asielwetgeving door de Eerste Kamer. Ze krijgt de vraag te reageren op de mogelijke weigering van de PVV om tegen de eigen wetsvoorstellen m.b.t. asielverzoeken en -opvang in de Eerste Kamer te stemmen. De politica schetst eerst in enkele brede streken de situatie en zegt dat de meerderheid van Nederland vindt dat er al jaren iets aan de asielinstroom moet gebeuren. Ook zegt ze dat er jaarlijks een stad van 60.000 mensen bijkomt en dat daar iets aan gedaan moet worden.
Een kijker valt over het niet doorvragen van de presentatoren op deze beweringen van de gast. Werd hier te weinig onderscheid tussen feiten en meningen gemaakt en werd de gast te veel als ‘deskundig duider’ beschouwd? De redactie ging helaas niet in op de vragen van de kijker.
Meerderheid wil immigratiebeperking
Volgens recent onderzoek van Ipsos ligt het percentage van de Nederlanders dat iets aan immigratiebeperking wil doen inderdaad boven de 50%: “Zes op tien Nederlanders (60%) willen dat het kabinet-Jetten (veel) meer doet om immigratie naar Nederland te beperken. Slechts twaalf procent verlangt minder actie. Ten opzichte van 2,5 jaar geleden is de roep om meer actie iets gedaald. Destijds pleitte 65 procent voor meer actie om immigratie te beperken.” De meerderheid die Mona Keijzer aangeeft is er dus, en ook al enige tijd.
Of ‘immigratiebeperking’ voor de Nederlander hetzelfde is als het ‘beperken van de asielinstroom’ kan een kwestie van semantiek zijn. Maar immigratiebeperking kan wel degelijk door ondervraagden inhoudelijk ook heel anders ingevuld worden en dus niet automatisch als het 'beperken van de asielinstroom' gezien worden. Dat zou je kunnen opmaken uit het feit dat een meerderheid van de Nederlanders wil dat vluchtelingen wél worden opgevangen.
Het genoemde onderzoek specificeert dit onderscheid niet duidelijk en de Ombudsman heeft geen recent onderzoek voorhanden dat dit wel doet. Maar onafhankelijk onderzoek laat in elk geval wel zien dat zo’n 60% van de Nederlanders wil dat er minder immigratie naar ons land komt. De gast stelt dit als feit, en dit is voldoende controleerbaar.
Geen stad van 60.000 mensen
Keijzer zegt vervolgens: “Elk jaar een stad van 60.000 mensen erbij, dat kan niet, dus dat moet dan ook echt aangepakt worden.” Ook dit wordt niet als mening geponeerd. De redactie reageert wel als wij haar benaderen, en schrijft ons dat de gast hier dus niet letterlijk zegt dat die stad er nu elk jaar bij komt. “Het kan in theorie ook slaan op wat er volgens haar in de toekomst met de cijfers gebeurt als er niet wordt ingegrepen.” De redactie voegt daar nog wel aan toe: “Niet aannemelijk, maar het kan wel.” De Ombudsman neemt deze opmerking dan maar voor kennisgeving aan.
Maar recente cijfers onderbouwen het aantal van 60.000 asielzoekers per jaar niet: het gaat om ongeveer 15.000 mensen mínder. De kijker stuurt ons al verwijzingen naar bronnen die het door Keijzer genoemde aantal niet ondersteunen. De Ombudsman ziet nog een handige grafiek gebaseerd op cijfers van het CBS, de onafhankelijke leverancier van dergelijke cijfers in Nederland.
Hierover schrijft de hoofdredactie ons: “Ik zie - net als jullie - nergens getallen van 60.000 asielzoekers, maar ook eerder iets van max 45.000. Dus ‘60.000 asielzoekers’ klopt inderdaad niet. Maar Keizer zegt niet ‘asielzoekers’, ze zegt ‘mensen’. Omdat het in de context van de asieldiscussie gezegd wordt, ligt het wel voor de hand dat ze asielzoekers bedoelt. Het zou ook kunnen zijn dat ze een andere groep bij de 45.000 asielzoekers optelt, maar ik kan nergens een te onderscheiden groep van 15.000 vinden die dat verklaarbaar maakt.” En concludeert dan: “Dus ja: het getal is vermoedelijk niet correct. Dat zouden we haar dus moeten vragen – wat in de uitzending niet gebeurd is.”
Doorvragen
De gast doet deze uitspraak als een bewering, er wordt niet aangegeven dat hier sprake zou zijn van een mening. Verderop in de uitzending wordt wel iets meer onderscheid tussen feiten en meningen gemaakt, maar hier niet. Deze bewering blijkt ook nog eens niet te kloppen. Goed ingevoerde presentatoren weten dat politici in het verband van de asieldiscussie graag op cijfers teruggrijpen. Ze zouden daar dus het beste op voorbereid zijn en de juiste cijfers bij de hand hebben.
Want het mag hier misschien gaan om een ‘zijdelingse opmerking’ ter inleiding van het eigenlijke gesprek over de rol van de PVV in de Eerste Kamer bij het stemmen over de eigen asielwetten. Maar ook zo’n losse bewering dient bevraagd te worden. Zelfs bij een – zoals de kijker het noemt – ‘deskundig duider’ zou dat het geval moeten zijn. En zeker bij politici, van wie verwacht kan worden dat ze een standpunt willen overbrengen en dus een agenda hebben.
Politici mogen uiteraard zo’n agenda hebben, en programma’s mogen zelf bepalen wie ze uitnodigen en hoe ze een gesprek insteken. Maar als beweringen worden gedaan, dienen die te kloppen of tenminste op onderbouwing bevraagd te worden. Zodat de kijker zelf kan bepalen wat men van de opmerkingen van een gast wil vinden.
Conclusie
Er werd in de korte inleiding van het gesprek met Keijzer waarover bij ons geklaagd werd geen onderscheid gemaakt tussen feiten en meningen. De gast deed enkele uitspraken die ze als bewering in het gesprek bracht (“een meerderheid van Nederland wil al jaren...”, “elk jaar een stad van 60.000 mensen erbij...”). Die moeten kloppen of bevraagd worden.
Voor zover het de inhoud van de beweringen van de gast betrof was één uitspraak werkelijkheidsgetrouw, de andere niet. De presentatoren vroegen de gast niet naar onderbouwing van de genoemde cijfers. De hoofdredactie geeft aan dat wel had gemoeten. Want nu werden kijkers van Goedemorgen Nederland in dit fragment helaas tekortgedaan.
