Logo

Rectificeren voor het oog van het publiek

TV, meerdere omroepen
14 november 2023

Wat hebben een word cloud, uitspraken van een voetbalanalist en een bewerkte tweet met elkaar gemeen? Er is journalistiek gezien iets fout gegaan, dat wordt openbaar erkend en er wordt gehandeld. Maar nog steeds wordt er over geklaagd bij de Ombudsman. Herstellen van een fout, je doet het nooit goed in de journalistiek.

Het staat er bijna met hoofdletters, in alle journalistieke codes: als je een fout maakt, moet je die corrigeren. Openlijk. En liefst mét excuses, zodat je publiek ziet dat je er niet zomaar overheen stapt. Maar ook bij transparant en zichtbaar corrigeren blijft er blijkbaar wat te klagen. Dat laten drie recente voorvallen zien, die we eens zullen doorlopen. Aan de hand van wat er openbaar over de fout en de nasleep gedeeld werd.

Een bijzonder leesbare word cloud

Op 13 juli maakt D66-politica Sigrid Kaag haar vertrek uit de politiek bekend. Nieuwsuur  maakt die avond een zogenoemde ‘word cloud’ van de eerste duizend reacties op de Twitter-tijdlijn van Kaag op de dag van haar vertrek. De scheldwoorden en verwensingen springen van de videomuur achter de presentator.

knipsel_nieuwsuur_kaag.jpeg

Op sociale media wordt nog tijdens de uitzending de vloer al aangeveegd met de Nieuwsuur-visualisatie. “Gefalsifieerde data” of “verzonnen termen”  horen nog tot de netst geformuleerde kritiek. Gebruikelijk is in zo’n cloud het meest voorkomende woord namelijk het grootst. Maar Nieuwsuur doet het “op basis van leesbaarheid”, schrijft de redactie de volgende dag in een uitleg. “Achteraf gezien was de keuze voor deze vorm niet de juiste.”

Het programma voelt, zo blijkt dus, snel de noodzaak tot openbare toelichting en verontschuldiging. De presentator geeft op sociale media aan dat hier iets “niet goed” gegaan is. En vier dagen later volgen er nog meer verontschuldigingen, in de uitzending en op de website van de NOS. “Het is evident dat we de situatie betreuren. En natuurlijk evalueren we de gebeurtenissen en trekken we lessen uit de gemaakte fouten.”  

Een stevige maar snel betreurde en toegelichte inschattingsfout? Klaar ermee? Nou nee, vindt een deel van het publiek. “Deze correcties zijn een sterke indicatie dat men niet zelfstandig in staat is tot zorgvuldig onderzoek, en afhankelijk is van kritiek van derden voordat men de publicaties zo corrigeert dat ze mogelijk wel kloppen”, schrijft één van de klagers aan de Ombudsman. En hij roept “met klem” om onderzoek, “om vragen beantwoord te krijgen die de redactie wellicht liever niet beantwoordt”. De vragen die hij zelf nog heeft gaan maar deels over de methodologie, ze veronderstellen daarnaast een zekere politieke voorkeur bij de redactie. Vóór de partij van de aftredende politica dan welteverstaan.

Een ongefundeerde beschuldiging

Op 13 augustus heeft één van de analisten in de uitzending van Studio Voetbal het over de trainer van Ajax. Die zou betrokken zijn bij “duistere dealtjes sluiten met bevriende makelaars”. Kijkers zijn verontwaardigd, want waar baseert de analist dit op? De presentator vraagt er wel naar, maar krijgt er geen antwoord op.

Een analist is eigenlijk een soort recensent: het is geen ‘gewone’ gast aan de studiotafel maar geeft uitleg over en kritiek op het onderwerp van gesprek. Iemand in zo’n positie heeft meer ruimte voor het delen van een mening, zegt de Code Journalistiek Handelen Maar ook een analist of recensent kan niet zonder onderbouwing iemand beschuldigen.

De trainer in kwestie eist de dag erop een rectificatie, zowel in het programma als op de NOS-website. Hij dreigt met een kort geding. Nog weer twee dagen later biedt de analist zijn excuses aan en trekt de trainer zijn dreiging met een kort geding in. Diezelfde dag zet het programma de analist “voorlopig” op non-actief.

Klaar ermee, afgehandeld tussen programma en trainer? Nee, de Ombudsman ontvangt alsnog diverse klachten. “Zomaar iets poneren zonder enig bewijs te leveren, dan is dat excuus van vandaag voor mij nietszeggend en hoop ik dat deze meneer niet meer aan de tafel zal verschijnen. De NOS moet ook eens ergens voor gaan uitkomen!”  schrijft een boze kijker.

Uiteindelijk staat de analist drie weken aan de kant, sinds begin september is hij weer welkom aan de voetbaltafel. Hij “ziet in dat hij een uitglijder heeft gemaakt en heeft daarvoor zijn excuses aangeboden", zegt de hoofdredacteur van NOS Sport. De analist zegt op de website: "Ik had die uitspraken niet moeten doen en daar heb ik mijn excuses voor aangeboden. Dit was een belangrijk leermoment voor mij."  En in de eerste uitzending na zijn terugkeer volgt dan nog: “mijn opmerking, daar had ik geen bewijzen van, en dat moet je… dat moet je niet doen.”

Een bewerkte tweet

Op 31 augustus wijdt onderzoeksprogramma Zembla een uitzending aan mensen die op sociale media politici bedreigen. In de uitzending toont de redacteur enkele van die dreigtweets en zoekt de afzenders op om hen te confronteren met hun gedrag.

Het YouTube-kanaal Blckbx laat op 27 september zien dat niet alle getoonde tweets letterlijk zo geschreven zijn. Eén van de twitteraars stelt dat hij zijn baan kwijt is vanwege zo’n bewerkte tweet die het programma liet zien. De redactie haalt de uitzending de volgende dag offline. “Wij toonden namelijk tweets alsof het screenshots waren, zonder dat daarbij werd aangegeven dat enkele tweets door de redactie waren ingekort of aangepast. Dat betreuren wij.”  De redactie zal de uitzending “op dat punt” corrigeren en dan komt-ie weer online, schrijft men op X.

Maar op 4 oktober blijkt dat de uitzending offline blijft. De redactie schrijft in een uitgebreidere uitleg dat “enkele tweets door de regisseur van de uitzending zijn ingekort of aangepast, terwijl de suggestie werd gewekt dat het om originele screenshots van de tweets ging. Dit had nooit mogen gebeuren. We bieden daarvoor onze excuses aan.”

De redactie schrijft verder: “[De tweets] bleken bewerkt in een animatieprogramma met als gevolg dat de getoonde tweets niet van de originele zijn te onderscheiden. Dit is geen excuus. We hadden dit moeten controleren en de tweets eerst met het bronmateriaal moeten checken.” 

Het moet de nachtmerrie van elke journalistieke redactie zijn. Geen slordigheid of fout maar een welbewuste handeling waardoor bronnenmateriaal is veranderd. Journalistiek-ethisch kan dit niet en de redactie geeft dat ook aan. Het stof is diep: “De betreffende uitzending zal offline blijven. Met de twitteraars in kwestie hebben we contact opgenomen om onze excuses over te brengen en om verder met ze in gesprek te gaan.”

Maar ook ditmaal is de openlijke boetetocht van het programma niet genoeg voor een deel van het publiek. Nog dagen na het verwijderen van de uitzending rammelt de brievenbus van de Ombudsman over het “verderfelijk handelen door Zembla middels het u inmiddels welbekende recentelijk manipuleren van tweets”,  aan “nuance had Zembla even geen behoefte en sneed de context weg voor het effectbejag”.  Ombudsman, grijp in! Want “kunt u wellicht verduidelijken waarom er nog geen officiële reactie van de ombudsman beschikbaar is? Heeft dit mogelijk te maken met de betrokkenheid van uw opdrachtgever, namelijk D66?”

Wanneer is snel ‘snel genoeg’

Het zijn voorvallen die alle drie de redacties het liefst zouden terugdraaien. Maar waar ze openlijk verantwoording voor afleggen. Is er dan nog een taak voor de Ombudsman? Die onderzoekt immers of het journalistiek-ethisch goed gegaan is. En dat dát in deze gevallen niet zo was, hadden de redacties zelf ook al uitgelegd… Publiek eist dan wel eens dat de Ombudsman een straf oplegt. Maar dat doen wij nooit, we adviseren wel hoe het mogelijk beter kan. Lees hier wat de Ombudsman wel en niet doet.

Met de blik op de toekomst is de Ombudsman allereerst blij met de openheid van de redacties. Je kunt cynisch stellen dat ze niet anders kónden. Maar ze stapten met hun fout in het volle zicht van het publiek. Wie niets doet, schendt sowieso de journalistieke afspraken. Wie stilletjes denkt te corrigeren, onderschat zijn publiek. Ook snelheid van handelen is dan belangrijk. Maar wat is snel genoeg?

Van Nieuwsuur  werd gesteld dat het programma pas ná de kritiek op sociale media “bereid” was om te rectificeren. Daarmee werd verondersteld dat er anders geen correctie was gekomen. Dat is een stevige bewering, maar één die niet te bewijzen is. Ja, de kritiek was er diezelfde avond al en was er dus eerder dan de reactie van Nieuwsuur de volgende dag. Maar zegt dat dan iets over de bereidheid om te corrigeren? Misschien hooguit iets over een blinde vlek bij de redactie voor hoe publiek doorgaans naar een word cloud kijkt, waardoor deze versie het scherm haalde.

Kan je over de bereidheid te rectificeren dan iets afleiden als je kijkt hóe men dat dan vervolgens deed? Ruimhartig, op meerdere platforms en ook in de toekomst blijvend zichtbaar. Zoals journalistiek-ethische afspraken aangeven. Maar ook wie dat doet, blijft dus – niet tegen te spreken – verwijten krijgen. De Nieuwsuur-redactie deed wat je van een redactie mag eisen bij een fout als deze. Want de redactie legde wel degelijk ook nog – zij het summier – uit waaróm het fout gegaan was.

Beperkt vindbaar

Bij Zembla  kreeg de redactie pas na meerdere weken zicht op wat er aan de hand was. Hoe het zo heeft kunnen lopen, is ongetwijfeld op de redactievloer zelf onderwerp van stevige reflectie. Want zoiets als dit is slecht voor je reputatie, zeker (maar niet alleen) als onderzoeksredactie.

De Ombudsman kijkt hier hoe er openbaar omgegaan werd met de gemaakte fout. Zoals gezegd: het stof was diep. Een scherpslijper zal wellicht zeggen: té diep. Het programma wilde de uitzending eerst corrigeren en dan terug online zetten, maar dat was bij nader inzien niet mogelijk, schreef men. De aflevering bleef dus offline.

Maar een uitzending of artikel verwijderen wordt wel gezien als een aantasting van de eerste versie van de geschiedschrijving, zoals journalistiek wel eens deftig wordt genoemd. Of als ‘witwassen’: een gemaakte fout wordt slecht of misschien wel helemaal niet meer vindbaar en dan poetst een medium een vlek misschien wel gewoon weg. Dat laatste zal sinds de komst van internet niet zo snel meer gebeuren. En de rectificatie van Zembla blijft wel zichtbaar, hier wordt niet gepoetst. Maar verminderd vindbaar wordt de uitzending zélf wel.

De Ombudsman is doorgaans geen groot fan van verwijderen. Maar begrijpt dat je als programma aantoonbaar onjuiste informatie ook niet wilt laten rondslingeren. Verwijderen kan dan de beste oplossing zijn, maar moet altijd goed afgewogen én uitgelegd worden. De redactie deed dat.

Regel voor regel

In dit geval vroeg de Ombudsman zich ook nog af: hoe voorkom je dat zoiets weer kan gebeuren? Ik moest denken aan Nils Hanson, voormalig hoofdredacteur van een Zweeds ‘Zembla-broertje’, het onderzoeksprogramma Uppdrag Granskning  (Opdracht: Onderzoeken). Hij ontwierp voor zijn redactie een systeem van checks en dubbelchecks, line by line editing  noemde hij het. Hij voorkwam er menig rectificatie of potentiële gang naar de rechter mee.

Het is een aanpak waarbij op meerdere momenten in het onderzoeksproces door de eindredactie met de makers wordt overlegd en gecheckt wordt wat er gedaan is. Iedere claim en uitspraak moet dan onderbouwd worden. Daarbij moet ook het onderliggende bronnenmateriaal getoond worden: de bouwstenen voor een verhaal, allerlei vormen van documentatie, van brieven en notulen tot video’s. Sociale media posts vallen daar ook onder.

Zie het hem uitleggen en je snapt de term ‘bulletproofing’ als het om een journalistiek onderzoek gaat. Het maakt niet uit of je prijswinnend reporter, freelancer of jongste bediende op de redactie bent: iedereen moet eraan meewerken. Zou Hansons methode deze tweets gedetecteerd hebben? Je weet het nooit zeker, maar bij zijn aanpak wordt bronnenmateriaal bewerken wel lastig. Ja, het kost extra tijd, steeds zo uitgebreid door je onderzoek lopen. Maar wat is tijd als het gaat om de reputatie van degene die je aanpakt in je verhaal? Of om die van de geloofwaardige journalistiek? 

Niet gezien

Open en ruimhartig corrigeren, en zo snel en volledig als je lukt. Dan mag de kijker uiteraard verontwaardigd of verdrietig blijven over journalistiek geblunder. Vooraf zorgvuldig zijn is uiteraard beter dan achteraf pleisters plakken. Maar dit was niet alles wat de Ombudsman van deze voorvallen bijbleef.

Het viel in de klachten bij de Ombudsman namelijk op dat van degenen die bleven klagen, ook ná ingrijpen door de redacties, velen niet de oorspronkelijke uitzendingen zagen. Wel bijvoorbeeld een tweet over een uitzending, een fragment op YouTube, of een gesprek elders erover. “Ik zag zojuist op.…” (en dan volgde meestal niet een publieke zender) of “Gemakshalve verwijs ik hierbij naar [a, b of c], hetgeen mijns inziens de lading dekt,”  schreef men ons dan.

Daarmee heeft een klager de context waarin de fout gemaakt werd niet meegekregen. En een snelle openbare rectificatie of verontschuldiging vaak ook niet. Dat is op zijn minst jammer, maar eigenlijk ook een serieuze klacht onwaardig. Want dan wordt er dus nogal eens iets geconcludeerd wat niet gebeurde of geëist wat al gedaan is.

nos_studio_voetbal_met_van_hooijdonk.png

Zo schreef een klager over Studio Voetbal: “Ik snap dat er bij een voetbalpraatprogramma enige ruimte moet zijn om vrij te kunnen praten, maar dat lijkt me geen excuus om alle journalistieke regels maar compleet in de wind te slaan.”  Maar dat gebeurde hier niet. De presentator vroeg wel degelijk door. “ Wat zijn, waarom duistere deal? […] Jij beticht hem nu dat ie... Dat vind ik best een aantijging, wat is dan een duistere deal? Heeft-ie zichzelf verrijkt?”  Niks in de wind geslagen hier. Wel in de lucht, door de analist, die vervolgens zijn hoofd schudde en inhoudelijk niets meer wilde toevoegen. De presentator moest na een paar keer vragen wel verder met het gesprek. Want ook dat is televisie.

Of drie weken strafbank voor de analist afdoende was, daarover mag iedereen zelf oordelen. De presentator zei bij de terugkeer van de analist aan tafel: “Wij hebben daar vertrouwen in, ook omdat we er met elkaar over gesproken hebben.”  En de analist sprak daarop een zeer waar woord: “Ik begrijp heel goed dat ik het vertrouwen van de kijker weer zal moeten terugwinnen.” Je moet de betrouwbaarheid van je programma “scherp bewaken”, schrijft de hoofdredactie nog in een toelichting. Maar het is je publiek dat dit beloont door je te geloven. Geloofwaardigheid herstellen, dat kost tijd.

Maatpak

Hoe doe je het goed, je zelfgecreëerde journalistieke probleem adresseren? Een boetekleed zal je blijkbaar nooit helemaal goed passen, zeker niet volgens je hele publiek. Als je online corrigeert, dan is dat voor een tv-programma een té krap pak, vinden klagers, dan moet het excuus ook op de buis. Doe je dat ook, dan dek je volgens sommigen nog steeds van alles toe. En haal je je uitzending zelfs helemaal weg, dan slobbert het pak je ineens over de schoenen, vindt de geschiedschrijver.

De regel is: corrigeer snel, openbaar, expliciet, ruimhartig en blijvend zichtbaar. NieuwsuurZembla  en Studio Voetbal  deden het op uiteenlopende manieren. Er is geen one size fits all. Omgaan met journalistieke fouten blijft maatwerk.
Is het oorlog of genocide?
Weinig ruimte voor studiogast
Publiek zoekt Bron
Asielzoekers in Kijkduin: een "rode loper" zonder context
Ombudsman, mag dit weg? Dat is nog niet zo makkelijk.
Het interview als Zwitsers zakmes
Deel deze pagina
Omroepen
AVROTROS