Logo

Over de doden niets dan goeds?

Online, NOS, NOS Nieuws
ANP – Het piramidecomplex van Giza aan de zuidwestkant van Caïro.

ANP

Deel deze pagina

Waaraan moet een goed ’in memoriam’ voldoen? Is het simpel een beschrijving van de feiten of zit er meer achter? En hoe kritisch kan en mag je zijn? Immers, over de doden niets dan goeds. In een bericht over het overlijden van Erich von Däniken beschrijft de NOS niet alleen zijn leven, maar ook de reacties op zijn omstreden werk. Volgens een lezer van het artikel ging de redactie echter te ver en over journalistieke grenzen heen. “Ik mag toch hopelijk neutrale info verwachten van de publieke omroep en geen directe en indirecte beledigingen.”

In het kort: 

  • Een lezer vond dat de NOS in haar necrologie van Erich von Däniken neutraal had moeten berichten over diens leven, in plaats van kritiek op zijn werk en overtuigingen in het artikel te noemen.
  • De Ombudsman concludeert dat de NOS geen feitelijke fouten heeft gemaakt en binnen de journalistieke grenzen is gebleven. Wel werden woorden gebruikt die scherper waren dan noodzakelijk om het verhaal te vertellen. Hierdoor kon het artikel bij een deel van het publiek als respectloos of negatief overkomen.
  • De Ombudsman waardeert daarom dat de NOS naar aanleiding van de klachten opnieuw reflecteert op de berichtgeving over controversiële personen.

Volgens de lezer stond het artikel, dat verscheen op 12 januari, vol beledigingen aan het adres van de overledene. De lezer schreef aan de redactie dat de NOS “met respect, of op z'n minst neutraal bericht over iemands leven, en niet een overlijden aangrijpt om los te gaan over iemands werk, wat in dit geval ook nog eens hypothetisch, mythisch, gelóóf is. Of die man er nou voor gestudeerd heeft of niet.”

Ook online waren er verschillende mensen die vielen over de toon die de NOS aansloeg in het bericht. Zo schreef theoloog en schrijver van meerdere UFO-boeken Taede Smedes op zijn website: “De NOS vliegt in haar necrologie van Von Däniken journalistiek enorm uit de bocht. Ik hoop voor de NOS dat het artikel door een stagiair is geschreven, want het is loutere riooljournalistiek.”  Op Facebook wond ook het UFO Meldpunt Nederland zich op over de tekst van de NOS. Volgens hen was de necrologie: “Niet kritisch, maar denigrerend. Niet onderzoekend, maar reducerend. Alsof je een cultureel en historisch fenomeen kunt afdoen met één label: “pseudowetenschapper die overal aliens zag.” Dat is geen journalistiek — dat is framing.”

Wat schreef de NOS dan precies dat volgens deze lezers niet door de beugel kon? En de onderliggende vraag is vervolgens: kan wat de NOS schreef journalistiek-ethisch ook niet door de beugel? Om dat te beoordelen legt de Ombudsman het artikel langs de meetlat van de Code Journalistiek Handelen, de afspraken die de omroepen met elkaar hebben gemaakt. In de code staat niets specifiek over overlijdensberichten. Wel geldt ook voor overlijdensberichten de algemene regel: Omroepmedewerkers berichten waarheidsgetrouw, de informatie klopt. De producties zijn controleerbaar en worden gecheckt.”

De klacht van de lezer gaat niet zo zeer om het waarheidsgehalte maar vooral om de toon die aangeslagen werd door de NOS. Ze viel over woorden als “halfbakken hypothesen en krankzinnige speculaties”. Ze vroeg aan de redactie dan ook uitleg over de keuzes voor deze woorden.  Redactie en klager kwamen er samen niet uit en dus heeft nu de Ombudsman gekeken naar de tekst. Daarbij moet wel worden opgemerkt dat het uiteindelijk aan de NOS zelf is welke woorden ze gebruikt. Zolang maar duidelijk is dat wat er gezegd wordt feitelijk klopt.

Feit of Fictie?

Wat in de tekst van de NOS staat moet dus in de eerste plaats kloppen. Terwijl er nu juist rondom Von Daniken de nodige controverse is over wat feit is en wat fictie. Erich von Däniken werd beroemd als auteur die in populaire boeken en tvprogramma’s de hypothese uitdroeg dat oude beschavingen zoals die van de Egyptenaren en Maya’s bezoek kregen van buitenaardse “astronauten”. Veel van de religieuze verhalen, archeologische vindplaatsen en monumenten, van piramides tot de Nazcalijnen, waren volgens hem sporen van die kosmische bezoekers.

Von Dänikens ideeën konden rekenen op kritische reacties uit de wetenschappelijke wereld. Sterker nog: ze zouden het schoolvoorbeeld zijn van pseudowetenschap, omdat zijn verhalen over “ancient aliens” geen steun vonden in regulier wetenschappelijk onderzoek. Wetenschappers verweten hem dat hij losse feiten uit de archeologie uit hun verband trok en daar fantasievolle conclusies aan verbond, zonder harde, toetsbare bewijzen. De boeken die hij schreef waren misschien spannend en populair, maar vooral ook misleidend, zo schreven de critici.

Ook in het artikel van de NOS wordt Von Däniken een pseudowetenschapper genoemd. Deze omschrijving sluit aan bij wat er dus elders over hem geschreven werd. De NOS liet dat weten aan de kritische lezer. In een reactie op haar mail schreef de redactie: “Zijn ideeën worden al decennialang beschreven als pseudowetenschappelijk, speculatief en niet evidence based door historici, archeologen en wetenschappers. Dat staat los van de waardering die sommige mensen voor zijn werk hebben.”

Dat de NOS niet alleen stond in haar omschrijving van Von Däniken als pseudowetenschapper blijkt uit andere stukken die verschenen naar aanleiding van zijn overlijden. Zo heeft De Volkskrant het over de “Zwitserse pseudowetenschapper Erich von Däniken”.  Ook in de stukken die verschenen op de websites van RTL en de NRC is veel aandacht voor het niet-wetenschappelijke karakter van de theorieën van Von Däniken. Zo schrijft de NRC: “De Zwitserse sciencefiction-schrijver Erich von Däniken was een grootmeester in het hineininterpretieren van archeologische vondsten en mythologische verhalen. Die fantasieën makten hem wereldberoemd.”

De NRC omschrijft het werk van de schrijver dus als “fantasieën” en “sciencefiction”. De NOS gebruikt vergelijkbare formuleringen om het werk van de schrijver te kenmerken. Zo noemt de redactie het in haar stuk “wilde beweringen”, “uit de lucht gegrepen” en “pseudowetenschappelijke kolder”. Die laatste term komt volgens het stuk niet van de NOS zelf, maar wordt toegeschreven aan ‘experts’. Voor de gemiddelde lezer valt helaas niet makkelijk te achterhalen wie dan precies die experts zijn, maar het geschetste beeld lijkt in elk geval breed gedragen.

Maar dat het beeld breed gedragen is, maakt dat het dan ook kloppend? Bij Von Däniken is de wetenschappelijke kritiek al decennia duidelijk en fel, en die klinkt nu terug in labels als “pseudowetenschapper” en termen als “pseudowetenschappelijke kolder”.  Daarmee wordt een beeld van de overleden schrijver gecreëerd dat klopt met hoe er over hem gesproken werd. Bovendien geeft het artikel een accuraat overzicht van wat Von Däniken beweerde en hoe daar (positief en negatief) op gereageerd werd.  

De hoofdredactie staat dan ook nog altijd achter de woordkeuze, zo laat deze desgevraagd aan de Ombudsman weten. Von Daniken was een man met een bijzonder levenspad en dát is in bijbehorende woorden beschreven. Er is geen sprake van ‘indirecte beledigingen’ maar van een accurate beschrijving van zijn werk. Als we zijn werk kaal en zonder toevoegingen als ‘wild’ of ‘uit de lucht gegrepen’ hadden beschreven, hadden we vermoedelijk meer klachten gekregen. Die zouden terecht zijn, want dán zouden we de lezer iets onthouden.”

De Ombudsman kan geen feitelijke onjuistheden vinden in de tekst van de NOS in hoe de redactie schrijft over de opvattingen over het werk van Von Däniken. Toch is de woordkeuze op sommige momenten opvallend. Zo zijn woorden als “kolder”, “halfbakken hypothesen”, “krankzinnige speculaties” en de zin “toen hij voor het eerst zijn wilde beweringen optikte” stevig aangezet. Vooral het gebruik van de bijvoeglijke naamwoorden maken de diskwalificatie van het werk van Von Däniken duidelijk.

Dat er ook een andere keuze had kunnen worden gemaakt, valt bijvoorbeeld op als je het stuk van de NOS vergelijkt met de toon die de New York Times of persbureau AP kozen in hun necrologie. Die hebben een duidelijk afstandelijkere toon en vatten de scherpe kritiek vooral in quotes van derden. Zo laat New York Times de astrofysicus Carl Sagan aan het woord. Die zegt in de Amerikaanse krant: “Every time he sees something he can't understand, he attributes it to extraterrestrial intelligence, and since he understands almost nothing, he sees evidence of extraterrestrial intelligence all over the planet.”

Dit soort quotes zijn minstens zo negatief over Von Däniken als het artikel van de NOS, maar komen in de krant van de geïnterviewde wetenschappers en niet van de betrokken journalist. De NOS heeft hier duidelijk niet voor gekozen en neemt de woorden voor eigen rekening. Niet per definitie fout, maar wel opvallend. En de NOS betreurt wel degelijk dat het bericht over Von Däniken verkeerd viel bij een deel van het publiek. De hoofdredactie schrijft aan de Ombudsman: “Als het stuk als beledigend is gelezen, dan is dat vervelend en onbedoeld. Want dat is natuurlijk nooit wat we willen, zeker niet bij een necrologie. Dat dat bij de beschrijving van iemand waarbij dergelijke controverse hoort, op zijn aanhangers wel zo kan overkomen, snap ik. We nemen mee in de reflectie hoe we in dit geval én feitelijk en accuraat hadden kunnen blijven, én aansprekend voor iedereen.”

Conclusie

In het stuk dat de NOS schreef over Von Däniken werden geen fouten gemaakt, maar werden er stevigere woorden gebruikt dan noodzakelijk was om het verhaal te kunnen vertellen. De Ombudsman waardeert dat de NOS naar aanleiding van dit stuk en de ontvangen klachten opnieuw reflecteert op de wijze waarop wordt omgegaan met berichtgeving over controversiële personen zoals Von Däniken. Niet omdat het stuk niet klopt of journalistieke grenzen heeft overschreden, maar omdat de woordkeuze in elk geval bij een deel van het publiek verkeerd over kwam.

  • Omroepen
    • AVROTROS
    • BNNVARA
    • EO
    • HUMAN
    • KRO-NCRV
    • MAX
    • NOS
    • NTR
    • ON
    • PowNed
    • VPRO
    • WNL
    • ZWART
  • Overig
  • Contact
  • Privacy