Naar hoofdinhoud
Logo

De thumbnail als twistpunt

Online en podcast, NOS, Lang Verhaal Kort
Deel deze pagina

Een luisteraar is ontstemd over een zogenoemde ‘thumbnail’ en illustratie die NOS op 3 gebruikt bij een aflevering van de minipodcast Lang Verhaal Kort. Daar staat een persoon op die niet voorkomt in het item waar de thumbnail en de illustratie bij staan. De NOS legt zo onterecht een connectie tussen de persoon en de inhoud van het item en dat ondermijnt de ‘neutraliteit’ die de NOS volgens hem moet uitstralen. Maar is dat wel zo?

In het kort:

  • Een luisteraar klaagde over een illustratie bij een podcast van NOS op 3: die zou onterecht een link leggen met iemand die niet in de podcast voorkomt. En daarmee zou de vereiste ‘neutraliteit’ van de NOS ondermijnd worden.
  • Ook de keuze van illustraties valt binnen de autonomie die redacties hebben.
  • Er had voor een andere illustratie gekozen kunnen worden. Maar dat maakt de keuze voor de gebruikte foto nog niet in strijd met de code.

De klacht  

NOS op 3 wijdde een aflevering van de mini-podcast Lang Verhaal Kort aan de perikelen bij omroep Ongehoord Nederland. Daarbij werd een foto van een uitzending van de omroep gebruikt met politica Vos (FvD) erop. Een luisteraar klaagde erover, want Vos wordt in de podcast niet genoemd. Volgens de klager een doelbewuste poging om Vos aan de omstreden inhoud van ON! te koppelen.

De redactie schreef dat voor een “algemene” afbeelding was gekozen van het TV-programma dat in het item voorkomt, omdat uit dat programma meerdere fragmenten worden besproken. En men voegde toe: “Wij proberen hiermee niet de desbetreffende gast te koppelen aan het onderwerp dat besproken wordt.”  

De klagende luisteraar schreef dat de redactie ervoor “kiest […] de afbeelding niet te vervangen. Daarmee blijft de suggestieve associatie bewust in stand.” En dat zou “problematisch” zijn voor de onafhankelijke en objectieve omroep die de NOS volgens hem claimt te zijn: “Het ondermijnt precies die neutraliteit die de Mediawet en de journalistieke codes van de publieke omroep eisen.” Hij vroeg om een onderzoek van de Ombudsman. 

 

Redactionele autonomie en veronderstelde neutraliteit 

De NOS mag om te beginnen de keuze maken die zij maakt. De zogenoemde redactionele autonomie geeft redacties de vrijheid om inhoudelijke en vormgevingsbesluiten te nemen; het kiezen van een illustratie of thumbnail bij een artikel of podcast valt daarbinnen. Die redactionele autonomie is vastgelegd in Europese verdragen, de Mediawet, en in diverse jurisprudentie bekrachtigd.   

Verder stelt de Code Journalistiek Handelen van de publieke omroepen nadrukkelijk niet dat journalistiek ‘neutraal’ moet zijn. Dat zou ook niet kunnen in een code die moet gelden voor het gehele landelijke publieke bestel dat tegelijkertijd (en volgens dezelfde Mediawet) een aantal omroepen de opdracht geeft een maatschappelijke stroming te vertegenwoordigen. Het media-aanbod van die omroepen die leden hebben “weerspiegelt de identiteit en missie van die organisatie” en dat mag ook in journalistieke producties blijken. Een code die voor het hele bestel moet gelden, kán neutraliteit niet als vereiste opnemen. De klager veronderstelde dat codes en wetten ‘neutraliteit’ aan de publieke omroepen opleggen, maar dat klopt dus niet.

Wel zegt de code dat journalisten bij de publieke omroepen “onafhankelijk en onbevooroordeeld” werken. En de NOS vertaalt haar missie als taakomroep als “de primaire informatiebron te zijn op het gebied van nieuws, sport en evenementen, zodat de Nederlandse burger beter in staat is te oordelen over ontwikkelingen in de wereld, waardoor hij zijn gedrag beter kan bepalen. De NOS hanteert hierbij de hoogste journalistieke eisen van zorgvuldigheid, betrouwbaarheid, ongebondenheid, pluriformiteit en objectiviteit.”  

In het dagelijks spraakgebruik wordt de rol van de NOS bij het brengen van nieuws wel eens versimpeld tot ‘neutraliteit’. Maar de termen die de NOS zelf gebruikt (ongebondenheid, pluriformiteit en objectiviteit van het journalistieke werk) maken de taak van de omroep minder abstract en praktisch in te vullen.

Kortom: de Ombudsman schrijft enerzijds vanwege de redactionele autonomie niet voor wat redacties moeten doen. Anderzijds doen we geen onderzoek naar iets dat de code noch de wet oplegt aan een omroep. Dat neemt niet weg dat je wel naar de keuze van illustraties kunt kijken, maar dan met de blik op de journalistieke effectiviteit.

 

Journalistieke effectiviteit 

Doen de gebruikte illustraties wat ze idealiter moeten doen: een verteld verhaal met enkele beelden begeleiden? Voor deze minipodcast gebruikt NOS Nieuws als ‘thumbnail’ (een plaatje in de afspeellijst van YouTube) één helft van een zeer brede studiofoto: het deel met de presentator en een gast achter de desk, met studiodecor daaromheen. Zo is herkenbaar gemaakt om welke omroep de podcast draait.

Als illustraties in de podcast zijn vier afbeeldingen gekozen: een close up van een microfoon met het omroeplogo op de ‘plopkap’ (gebruikt bij de eerste 50 en de laatste 30 seconden van het item), de brede versie van de thumbnail-foto van de studio (tussen 0.50 en 02.22: de hele presentatiedesk met vier personen erachter plus studiodecor), een logo van de NPO (tussen 02.22 en 04.01) en een foto van de minister die media in haar portefeuille heeft sprekend in een microfoon van de omroep in kwestie (04.01 – 04.56). De klager schreef dat in het beeld bij de podcast sprake zou zijn van een ‘ingezoomd kader’ van een spreker. Op YouTube is geen ‘ingezoomd kader’ te zien (wel dus één helft van een bestaande foto), ook is er geen close-up van één gast gebruikt.

De gebruikte foto’s zijn alle verklaarbare keuzes bij een item dat in brede zin gaat over wat er aan de hand is bij de betreffende omroep. Er wordt verteld wat die omroep aan de orde bracht in diverse uitzendingen van het getoonde programma (het enige programma dat de omroep maakt) en in een serie gesprekken op YouTube. Verder is er uitleg over wat er in het verleden na klachten over de omroep bij de NPO is gebeurd en wat mogelijk nu de gevolgen van bepaalde problemen met de omroep gaan zijn. 

Nu wil je als journalist dat je boodschap overkomt en dat je publiek niet afgeleid wordt door ruis die ontstaat door een journalistieke keuze die je gemaakt hebt. Die ruis trad bij de klager bij één van de vier foto’s op. Zijn oog werd blijkbaar niet naar het brede studiobeeld getrokken maar naar één van de vier personen achter de tafel. En hij stelde zich daardoor eerder vragen over de bedoeling van de NOS met de keuze van de illustratie dan dat hij de inhoud van de podcast meekreeg.  

Zou een andere illustratie op een ander moment in de podcast dat wellicht voorkomen hebben? De klager was daar stellig over en vond dat deze foto uit zijn verband was gehaald omdat niet alle personen erop de in de podcast behandelde uitspraken deden. Had de omroep de illustraties moeten omwisselen, helemaal niet moeten gebruiken, iets anders moeten kiezen? De klager vond van wel. Maar een vereiste is dat niet om een algemeen en herkenbaar beeld van de betreffende omroep te laten zien.

 

Beeldtaal met bijbedoeling?

Uiteraard weet een redactie van een audiovisueel medium hoe beeldtaal werkt. Dus werd door de redactie gezocht naar een herkenbaar studiobeeld. De vier personen aan tafel zijn alle in vele uitzendingen aanwezig geweest. Het is dus niet zo dat de redactie extra gericht heeft moeten selecteren om juist op deze ene studiofoto uit te komen.

De klager meende van wel en impliceerde een kwalijke bijbedoeling bij de redactie. Vrij vertaald: het in diskrediet willen brengen van politica Vos door háár te koppelen aan de omstreden media-inhoud van omroep ON! die in de podcast besproken werd. Maar die eventuele kwade opzet van de redactie werd door de klager niet onderbouwd. Het Kamerlid is niet als enige in beeld, noch is zij beeldvullend geportretteerd zoals bijvoorbeeld de minister wel.

De Ombudsman raadt altijd aan om te proberen ongewenste interpretaties van journalistieke inhoud zoveel als mogelijk te voorkomen. Daarbij hoort ook het afwegen van wat een illustratie kan doen. Er had hier iets anders gekozen kunnen worden, maar dat moet niet. De vier gekozen afbeeldingen waren verklaarbare keuzes die niet dermate close of ‘sturend’ waren dat slechts één interpretatie mogelijk bleef. Ze voldeden aan het doel van het met enkele foto’s begeleiden van een gesproken tekst.

 

Conclusie 

Een andere keuze voor één van de vier gebruikte foto’s had bij de klagende luisteraar mogelijk niet tot zijn interpretatie van een dubbele agenda bij NOS op 3 geleid. Maar dat maakt de gemaakte keuze nog niet in strijd met de Code Journalistiek Handelen of de Mediawet. 

En dat de beeldkeuzes de wettelijk vereiste ‘neutraliteit’ van de omroep zouden ondermijnen, kán niet kloppen. Dergelijke neutraliteit wordt niet door codes of wetten opgelegd.

De Ombudsman ziet geen onderbouwing voor de claim dat door de NOS een “suggestieve associatie” zou zijn aangebracht. Laat staan dat er sprake zou zijn van opzet om een bepaalde politicus in een verkeerd daglicht te zetten. Er is dan ook geen plicht tot het vervangen van de illustraties.

 

 

 

  • Omroepen
    • AVROTROS
    • BNNVARA
    • EO
    • HUMAN
    • KRO-NCRV
    • MAX
    • NOS
    • NTR
    • ON
    • PowNed
    • VPRO
    • WNL
    • ZWART
  • Overig
  • Contact
  • Privacy